Engels-grammatica
Lijdende vorm
De lijdende vorm verschuift de focus van wie iets doet naar wat ermee gedaan wordt. De vorm komt voor in alle tijden en is gebruikelijk in nieuws, formele teksten en spreektaal, vooral met "get".
Lijdende vorm uit het leerboek
De standaardvormen die wereldwijd in Engels-cursussen worden gegeven, geïllustreerd met echte clips van moedertaalsprekers, geen verzonnen voorbeelden.
Lijdende vorm tegenwoordige tijd
is/are + past participle
Voor handelingen die regelmatig gebeuren of nu bezig zijn, waarbij de nadruk ligt op wat er gebeurt en niet op wie het doet. "Mistakes are made." "It’s manufactured in Japan."
Lijdende vorm verleden tijd
was/were + past participle
Voor afgeronde handelingen waarbij de nadruk ligt op wat er gebeurde en niet op wie het deed. "She was promoted last year." "The building was demolished in 1987."
Lijdende vorm voltooide tijd
has/have/had been + past participle
Combineert de passief met de voltooide tijd om een handeling uit het verleden te verbinden met het heden of een eerder moment. Gebruikelijk in nieuws en formele taal. "It has been confirmed." "He’d been warned three times."
Get-passief
get/got/gets/getting + past participle
Moedertaalsprekers gebruiken vaak "get" in plaats van "be" voor de passief, vooral bij plotselinge gebeurtenissen die iemand overkomen of persoonlijk zijn. "She got promoted." "I got hit by a car." "They got caught." Vervangt "be + past participle" in spreektaal en benadrukt sterker dat iemand iets overkomt.