Basis Nederlandse woorden en zinnen voor beginners
A1 Dutch luisteroefening · Nederlands · Geschikt voor beginners
Wat betekent „waar kom je vandaan?” in het Nederlands?
Om te vragen waar iemand vandaan komt, zeg je in het Nederlands waar kom je vandaan? Het sleutelwoord is vandaan — „van (een plaats)”, met de nuance van ergens vandaan komen. Gewoon van betekent „van”, maar als er sprake is van een beweging weg van een plaats, voegt het Nederlands vandaan toe — en die staat aan het einde van de zin, wat Engelstaligen vaak verrast. In het antwoord gebruik je uit: Ik kom uit Spanje — ik kom uit Spanje.
Het is een van de eerste vragen in elke Nederlandse kennismaking: „Waar kom je vandaan?” — „Ik kom uit Nederland.” Landen en steden gaan met uit: uit Spanje, uit Rotterdam. Vandaan kun je ook combineren met andere plaatswoorden: Waar haal je dat vandaan? (Waar haal je dat vandaan?), Hij komt daar vandaan (Hij komt vandaan). Het is samengesteld uit van (van) + daan, een oud woord voor „vandaar”, en het staat altijd aan het einde van zijn deelzin.