La mia giornata tipica in italiano facile
A1 Italian luisteroefening · Italiaans · Geschikt voor beginners
Wat betekent **fare la spesa** in het Italiaans?
In het Italiaans betekent fare la spesa de boodschappen doen — eten en dagelijkse huishoudproducten kopen, meestal in de supermarkt. Het woord spesa op zich betekent gewoon een uitgave of uitgegeven geld. Het handige trucje: houd het kleine woordje la en het gaat om boodschappen, maar fare spese (zonder la, meervoud) betekent winkelen voor kleding, cadeaus en lekkernijen. Één klein lidwoord keert de hele betekering om.
Je hoort het in een clip over een dagelijkse routine: “Quando finisco di lavorare a volte vado direttamente al supermercato e faccio la spesa” — als ik klaar ben met werken ga ik soms rechtstreeks naar de supermarkt en doe ik de boodschappen. Let op: het werkwoord is fare (doen/maken), niet comprare (kopen): Italiaanen “doen” de boodschappen letterlijk. Vergelijk faccio la spesa (boodschappen) met faccio spese of vado a fare shopping (kleding, leuke dingen). Spesa komt van het Latijnse expensa, uitgegeven geld, dezelfde wortel als het Engelse expense. Verwant: la lista della spesa (het boodschappenlijstje) en le spese (uitgaven, kosten).