Vragen maken met waar en werkwoorden met prepositie
B1 Dutch luisteroefening · Vlaams-Nederlands · Geschikt voor leerders op gemiddeld niveau
Wat betekent 'waar' in Nederlandse vragen met een prepositie?
In het Nederlands verwacht je wat voor 'wat' — en Wat eet hij? is prima. Maar zodra het werkwoord een vaste prepositie meekrijgt, is wat verboden: je schakelt over op waar en zet de prepositie achteraan. Houden van ('houden van') levert Waar houdt ze van?, niet Wat houdt ze van?. Dus telkens als een werkwoord zich vastkleeft aan een prepositie, wordt je vraagwoord waar.
Dezelfde truc werkt voor een hele familie: praten over → Waar praat hij over?, kijken naar → Waar kijkt hij naar?, luisteren naar → Waar luistert de vrouw naar?. De gesplitste vorm (waar … van) is de alledaagse gesproken variant; je kunt het ook samenvoegen tot één woord — Waarvan houdt ze? — wat formeeler klinkt. Een uitzondering om te onthouden: met wordt mee, dus 'waarmee?' is Waar … mee? of Waarmee?.